In het leven van uithuisgeplaatste kinderen en jongeren neemt het begrip ‘hoop’ een heel belangrijke plek in.

‘Hoop’ is een erg belangrijke richtinggever in hun leven; het geeft richting en energie. Hoop is de middelste van de drie Goddelijke deugden. Sommigen hebben een bewuste en anderen een onbewuste strategie terzake… …

We leven in een soort historische illusie. We stellen ons voor dat de persoon die we nu zijn, ook de persoon is die we de rest van ons leven zullen zijn. Dan Gilbert, hoogleraar sociale psychologie in de Verenigde Staten maakt korte metten met die voorstelling. In een mooie Tedtalk legt hij uit dat de enige constante factor in het leven ‘verandering’ is.

Ik ervaar dat als hoopgevend. Ieder leven is ‘werk in uitvoering’ en richt zich op de verwezenlijking van iets unieks. Daarbij is de vrijheid van de opdrachtgever (de mens om wie het gaat) van doorslaggevend belang. Uiteindelijk prevaleert de vrije keuze van het individu.

Als opvoeder zouden we heilig ontzag voor die ‘strategie van de hoop’ moeten hebben. Het impliceert niet dat we blindelings de vermeende vrijheidskeuzes van jongeren moeten volgen (ik wil alleen op vakantie, een blowtje op zijn tijd moet kunnen etc.). Het houdt wel in, dat we in het hier en nu zoekende moeten zijn naar de kern van die vrije keuze (wie ben je, wat wil je in dit leven); wakker het vuurtje aan.

Dat kan alleen door authenticiteit, integriteit en betrokkenheid. Dat zijn wat mij betreft werkbare en functionele sturingsprincipes die zowel individueel als maatschappelijk concrete betekenis kunnen hebben. Ieder leven is ‘werk in uitvoering’.