Wat wij kunnen leren van de Deense Familieklas en Familieschool om draagkracht en draaglast van gezinnen én gezinshuizen meer in balans te brengen.

De staatssecretarissen van VWS en Justitie, de kinderombudsman en de directievoorzitter van de VNG bezochten begin september Denemarken om in de praktijk te ervaren wat Nederland kan leren van de Deense hervorming van het jeugdzorgstelsel. De lessen van de Denen zeven jaar na de hervorming zijn: meer aandacht voor kwaliteit en resultaten, centraal toezicht op kwaliteit en goede afspraken over gespecialiseerde zorg voor bijzondere groepen. Indrukwekkend is de grote inzet van de Deense jeugdzorg om kinderen steeds zo goed mogelijk mee te laten draaien op school.

In deze lessen vond ik een aanmoediging voor de tweede aanbeveling in de brochure ‘De kracht van het gewone leven’ over gezinshuizen[1]: “Bevorder de inzet van effectieve begeleidingsmethoden en voldoende respijtmogelijkheden voor gezinshuisouders in gezinshuizen, opdat draaglast en draagkracht in balans blijven voor de gezinshuisouders.”

Tijdens het bezoek aan Denemarken kwamen twee belangrijke interventies aan de orde: de Familieklas en Familieschool. In de kern gaat het erom dat het probleem echt bij de kop wordt gepakt. Er wordt namelijk samengewerkt tussen school en zorg voor jeugd (onderwijs zet zich actief in voor herstel van jongeren en hun gezin) en er wordt op maat geschakeld van lichte naar zwaardere ondersteuning. Kinderen krijgen in een Familieklas, samen met één of meer gezinsleden, buiten de reguliere schooltijden om extra aandacht bij gedragsproblemen. Voor een periode van 12 tot 16 weken wordt gewerkt aan school gerelateerde uitdagingen. De Familieschool is een intensievere cursus, voor kinderen en gezinnen voor wie de Familieklas niet voldoende is. Naast aan school gerelateerde uitdagingen wordt een half jaar lang gewerkt aan uitdagingen in de thuissituatie, drie ochtenden per week.

Door dergelijke krachtige interventies ontstaat een bredere dragende band voor kinderen, ouders en ook voor gezinshuisouders die uithuisgeplaatste jeugd opnemen in het verlengde van hun eigen gezin. We worstelen in Nederland met sterk gescheiden domeinen, waardoor de draagkracht en draaglast van gezinnen en gezinshuizen met regelmaat overbelast raken. Het kan anders; daarvan getuigen deze voorbeelden. Daarvoor is volgens mij het volgende nodig:

–          Een integrale benadering
–          Aansluitend bij de leefwereld
–          Een voorwaardenscheppende overheid